zondag 22 augustus 2010

Vanavond Vanallus


Eerste notitie-briefje. Sail.
Hier (alle links hier in een nieuw venster). Niet "mooi" maar wel "alles".

Ben chef op de Artemis geweest, hier.



De Artemis, een voormalige Skandinavische walvisjager.
Ik stond een keer op het trapje naar de stuurhut, midden in de nacht, snel voor de wind, keek in dat pijlsnel langsspurtende inktzwarte water en dacht "Als je daar in flikkert zien ze je nooit meer terug". Met een enorme impact. Dat vergeet je nooit meer.

Volgende briefje. Dat die Spaanse cursus weer gestart is. Hier.

Ennuh, o ja, op Foodlog een discussie die zich via zeeduivel verplaatste naar een soort zoetwater zeeduivel en meerval ennuhh... hier.
Die "zoetwater zeeduivel", dat is kwab-aal. Zie de discussie.
Een ding -hier- toevoegen. Ik keek in Gaston Clément, De Raadsman in de Kookkunst. Verschillende recepten, maar voor zee-kwabaal. Oei. Daar zijn we ingesprongen. Zee-kwabaal dat is Vlaams [edoch zie verderop, toen ik nóg iets wijzer was geworden]. Nederlands: Steenbolk. Ook weer (net als kwab-aal) kabeljauw-familie, maar onder deze naam huizen zeven soorten. Nauw verwant, maar toch. Komen voor tussen Engeland en Portugal.
Op zee-kwabaal vind je in Google enkel dat het in het Portugees Faneca heet en in een oud woordenboek staat "Zekere visch".
Hoe dan ook, het is duidelijk een kabeljauw-achtige, ook nog, net als de kwab-aal, met een tentakeltje aan z'n onderlip.



Zeekwab-aal

Clément over zeekwabaal nu.
Deze vis heeft een weinig aantrekkelijk uitzicht: zijn vlees gelijkt op een dikke rog; doch het heeft het voordeel smakelijk te zijn [een dikke rog niet dan?] en geen graten te hebben. De bereiding ervan kan niet eenvoudiger zijn: men kan de zeekwabaal koken in gezouten water met wat azijn in, zoals rog; doch ook in de kastrol zoals tonijn. Men kan er ten slotte lapjes van maken, die in de pan gebraden worden zoals biefstuk.

(Ik raadpleegde vandaag drie van vier dikke boeken die naast elkaar op een plank staan. The Oxford Companion to Food, De Raadsman in de Kookkunst en Larousse Gastronomique. Het vierde boek werd niet geraadpleegd. Maar, of misschien "dus", stortte het zich tot twee keer toe met donderend geweld naar beneden. De Dikke...)

Hou je het trouwens voor mogelijk. Net nadat ik dit had geschreven deed ik opnieuw een Google op "kwabaal" (NB: niet "zeekwabaal"). En daar stond mijn tekst, nog geen minuut gepost... En daar gevonden onder "suggestie" "zee kwabaal".
Geen idee. Het stond overigens ook nog onder de datum van gisteren.
Nou ja.



Steenbolk (= Vlaams zeekwab-aal [nee dus, zie onder] = Portugees faneca)

Wat suggereert Clément zoal?
Portugese kwabaal: oven, sjalotten, knoflook, boter, citroen, tomaat (ja, er zal geen tomaat in "Portugees" zitten).
Kwabaal in de oven: weken in water + azijn, braden met "ajuin en ui" (huhh??), witte wijn, room, eierdooiers, aardappelen.
Provencaals: "de kwabaal is een vis die altijd zonder kop verkocht wordt, want deze is zo dik en lelijk dat hij steeds wordt weggesneden".
O. Kijk. Steenbolk en Zee-kwabaal bestaan wel, maar deze tiepe heeft het als hij over zee-kwabaal praat over zeeduivel (die dan ook in zijn boek "niet voorkomt").
Alweer zo'n verwisseling...



Katvis. Zie Foodlog discussie.

Uhh, het Zondag-Tranengedicht is naar de vrijdag verplaatst, ivm. een spreiding over de week van al die thema's. Dus.

O ja, Hengelvis nog. Hengelend. Hier.

Recept, eindelijk...
Eierkoek
Klop zes eierdooiers met zes soeplepels melk en twee afgestreken soeplepels bloem goed door elkaar, met wat zout.
Klop de eiwitten stijf en spatel ze voorzichtig door het mengsel.
Bak in een koekenpan, in een grote hoeveelheid of enkele kleinere, op een heet plaatje op half hoog vuur, tot de onderkant goudbruin is en de bovenkant droog.



Botanische tuin Haren. Geen idee. Wel vijf blaadjes, en dat niet alleen, ook nog dakpansgewijs rondom. Misschien familie van Melati.

Ff serieus nou.
Ik heb me jaren afgevraagd waar Karel van het Reve zijn kritische houding tov. Douwes Dekker vandaan had. Natuurlijk moet je tov. Dekker altijd uiterst voorzichtig zijn, maar Van het Reve's teksten "roken ergens naar", moesten ergens vandaan komen, en ik wist niet van waar.
Maar nou weet ik het.

Tirade, 1957. Gebonden jaargang. Uiterst interessant om zoiets of andere jaren eens uit de bieb te trekken, net zo goed trouwens als Hollands Maandblad.
Maar goed. Tirade 1957. Schreef Karel van het Reve ook in. En in het septembernummer staat een uitgebreid verhaal van R. (Rob) Nieuwenhuys, De zaak Lebak / Na honderd jaar. Kijk, dat is aan de ene kant het Stuiveling - Du Perron kamp, en aan de andere kant Nieuwenhuys met, in zijn gevolg later Karel van het Reve.
Karel refereert niet aan Nieuwenhuys, maar alles wat hij over Douwes Dekker schrijft is terug te voeren op dit verhaal van Nieuwenhuys.
Nieuwenhuys laat geen spaan heel, met uitgebreide of sluitende adstructie, van (en zoals Van het Reve zich zeer kritisch uitlaat over) al die essentialia in De Havelaar en in de film: de nachtelijke ritten te paard, de zeer gevoelige informatie van de deman, het grassnijden bij de regent en ga zo maar door.
Van de Havelaar blijft niks heel... Niks.
Inderdaad een kletsmajoor. Of misschien beter: veel te gepassioneerd voor zo een post.
In het boek zowel als in de film wordt de Resident Brest van Kempen neergezet als iemand die "meedoet" met het handjeklap etc. terwijl hij juist op Madoera, erg moeilijke plek, een Regent liet afzetten die corrupt was. Maar pas na geruime tijd van observatie, en niet zoals Havelaar na vier weken al wilde. (Nieuwenhuys schrijft dat aan Dekker dit waarschijnlijk niet bekend was. Komkom. Indië, iedereen weet alles, een Regent wordt afgezet!)
En de gouverneur komt ook iets anders in beeld dan in de Havelaar: Duijmaer van Twist had inderdaad grote compassie met het Indonesische volk, maar daarnaast ook realiteitszin en, wat Dekker volledig mistte, ervaring met de Javaanse verhoudingen.



De Keltische Tunnel in de botanische tuin Haren

(Wordt vervolgd) (Huhh? Niks vervolgd! Naar me nest!)